Cascais
Hoewel Cascais ooit de zomerresidentie van het koningshuis was en tegenwoordig een van de populairste en meest chique badplaatsen van de kust van Lissabon is, heeft de stad de charme van een oud vissersdorp bewaard. Aan het begin van de 20ste eeuw lieten rijke families hier fraaie vakantievilla’s neerzetten. Vandaag is het een druk, mondain vakantieoord met modiueze winkels in de aangename straatjes van de oude stad. De visserij is nog steeds een belangrijke activiteit. Op het kleine strand liggen kleurrijke boten, de vissers trekken hier hun vangst aan land, verkopen de vis op de lota (visveiling) en repareren hun netten. Op de achtergrond lokt de kleine promenade, omzoomd met palmen. Hier ontsnapt men aan de sleur van elke dag in de vele cafés en winkels. Grote bezienswaardigheden heeft Cascais niet te bieden. De manuelijnse kerk Igreja Nossa Senhora da Assunção is het vermelden waard vanwege de mooie azulejos uit de 18de eeuw en het portaal.
Bezienswaardigheden
Museu Bibliteca
Ligt in het Bandarinha park en was ooit het paleis van de Conde de Castro Guimarães. Het ligt schitterend aan een inham waarin bij vloed de zee binnenstroomt. Het werd gebouwd in 1892, toen Cascais zeer in trek was. De graaf en zijn vrouw stierven kinderloos in de jaren twintig en lieten huis met zijn verzameling schilderijen, azulejos na aan de staat. Het kostbaarste stuk in de bibliotheek is een zeldzaam, geïllustreerd boek uit de 16de eeuw van Duarte Galvão, Kronieken van Dom Afonso Henriques.
Boca do Inferno
Bij de Boca do Inferno (‘mond van de hel’) zo’n 3km westwaarts aan de kustweg, rolt de zee in kloven en grotten in rotsen waarbij hij een onheilspellend dreunden geluid maakt en bij ruw weer spectaculaire fonteinen omhoog spuit. De golven storten in een gat in een 20m hoge kalkrots.
Galerie
| Klik hier om afbeeldingen te bekijken |









