Tomar
In 1157 stichtte Gualdim Pais, de eerste groot meester van de Orde der Temepliers in Portugal, deze stad, die wordt overheerst door het 12de-eeuwse kasteel met het massieve Convente do Cristo aan de oever van de Ria Nabão. Een van de allerbelangrijkste monumenten van Portugal, ook opgenomen in de wereldmonumentenlijst van de UNESCO. Het centrum is en rasterwerk van smalle straatjes. De levendige Rua Serpa Pinto leidt naar de gotische kerk São João Baptista aan de Praça da República. De omgeving van de kerk is het toneel van het spectaculaire Festa dos Tabuleiros, een festival van heidense oorsprong dat eens in de twee of drie jaar in juli wordt gehouden en waarbij in het wit geklede meisjes schalen met bloemen en brood op hun hoofd dragen. Dichtbij aan de Rua Dr. Joaquim staat een van de oudste Portugese synagogen, met vier grote zuilen en een gewelfd plafond. Het gebouw werd voor het laatst als gebedshuis gebruikt in 1497, waarna Manuel I alle joden verbande die weigerden zich te bekeren. Tegenwoordig is hier een klein joods museum. De Rua Santa Iria voert noordwaarts naar de Capela da Santa Iria. Er wordt gezegd dat deze renaissancekapel is gebouwd op de plaats waar de heilige in de 7de eeuw de marteldood stierf. Boven het altaar in de Capelo dos Vales staat een indrukwekkend stenen retabel met Christus aan het kruis. In het Praque do Mouchão op het eiland in de rivier draait een Romeins rad in het stromende water. Verder noordwaarts langs de Ermida de São Gregório leidt een lange trap naar de 17de-eeuwse kapel Nossa senhora da Piedade. Op de helling die voeren naar het Convento do Christo staat de basiliek Nossa Senhora da Conceição, gebouwd tussen 1530 en 1550. De eenvoud van de buitenkant contrasteert met de delicate Corinthische zuilen binnen. De architect was vermoedelijk Francisco de Holanda die werkte voor koning João III.
Bezienswaardigheden
Convento de Cristo
Het klooster, gelegen op een berg boven de stad, doet denken aan een strijdros, klaar voor de oorlog. Het ‘klooster van Christus’ werd gebouwd door de tempeliers, een rijke orde, die in 1160 haar zetel vestigde te Tomar. Het is nu nog vol herinneringen aan deze monnik-ridders en aan hun erfgenamen, de Christusorde. In 1312 ontbond de paus de orde van de tempeliers. Later verbleven hier de Christusridders, waarvan de bekendste grootmeester in de 15de eeuw leefde, namelijk Hendrik de Zeevaarder. Onder Hendrik de Zeevaarder werd een kruisgang aangelegd tussen de Charola en het tempeliersfort, maar pas onder João III vonden de grootste veranderingen plaats. Architecten als João do Castilho en Diogo de Arruda, ingezet om de macht van de orde uit te drukken in steen, bouwden de kerk en de bijgebouwen met duizelingwekkende versieringen in Manuelstijl, culminerend in het raam aan de westzijde van de kerk. Dat de orden militair heerszuchtig waren, wordt geïllustreerd door dit klooster zelf. De kern van het complex is een enorm rond gebouw, de rotunda, het heiligdom van de tempeliers. Door een manuelijns portaal komt u in de oude tempelierskerk. In de kapittelzaal ziet u het beroemde Janela de Tomar (venster van Tomar), in manuelijnse stijl.
São João Baptista
Deze laat 15de-eeuwse kerk valt op door zijn elegant portaal in Manuelstijl en een achthoekige toren. Binnen ziet u een mooie kansel en schilderijen, zoals een Laatste avondmaal van Gregório Lopes. Een buitengewoon bloederige onthoofding van Johannes de Doper wordt ook aan Lopes toegeschreven.
Santa Maria do Olival
De 13de-eeuwse kerk met een bijzondere klokkentoren van drie verdiepingen. De kerk heeft haar gotische gevel met rozet behouden, ondanks diverse restauraties. Binnen zijn de graven van Gualdim Pais en andere tempeliers, en een fraaie kansel. De kerk was ooit de moederkerk voor zeelieden in de tijd der ontdekkingen.
Galerie
| Klik hier om afbeeldingen te bekijken |

